‘Soms ben ik net een sociaal werker ’

Ik ben Bergen: Rian van Dort

BERGEN OP ZOOM – ‘Je hoeft hier niet geboren te zijn om hier vandaan te willen komen.’ Het zijn gevleugelde woorden die ooit zijn opgetekend door de Antwerpse dichter Bert Bevers. Maar wie zijn die mensen dan die hier zo graag ‘vandaan willen komen’? In de serie ‘Ik ben Bergen’ ga ik op zoek naar het Bergs DNA. Wie woont hier, wat zijn hun verhalen en wat zijn hun dromen. Deze week gaat het over misschien wel de bekendste visverkoopster van Bergen; Rian van Dort.

 De afgelopen weken stonden er regelmatig rijen mensen in de Artilleriestraat. Al die mensen kwamen maar voor één ding; ansjovis. De Bergse lekkernij werd door het goede weer de afgelopen weken een paar keer goed gevangen. Door het vele onweer viel het helaas ook een paar keer tegen. “We kunnen nog geen dag vooruit voorspellen hoeveel we vangen. Bij goed weer en zonder die storm kan het zomaar 400 kilo zijn, maar soms is het ook helemaal niks”, legt Rian van Dort uit. Zij verkoopt al zo’n 28 jaar het heerlijke visje aan de Bergenaren. Haar ouders doen dat al 51 jaar.

Dat ansjovis populair is, blijkt ook wel tijdens het interview. Per telefoon of door een bezoekje aan de winkel, mensen vragen de hele dag maar één ding: is er ansjovis? “Dat gaat de hele dag door. We varen twee keer per dag uit en beginnen om 08.00 uur met de verkoop, zeven dagen per week. Mensen weten dat en bellen dan twee keer per dag om te vragen of er ansjovis is. Wij vinden het heel leuk als we wat vangen. Natuurlijk verdienen we graag een centje, maar Bergenaren genieten er echt van als ze er weer zijn.”

Het verkopen kreeg Rian al van jongs af aan mee. “Toen ik klein was, hielp ik al mee met verkopen. Na school en in de vakanties. Het is nog altijd leuk om te doen. Weet je wat het is? Iedere dag komen mensen nu langs voor de vis, maar ook voor een babbeltje. Soms ben ik net een sociaal werker”, lacht Rian, “maar dat maakt het werk alleen maar leuk.” Het ansjovisseizoen loopt van grofweg halverwege mei tot halverwege juli. Bij Van Dort is niet alleen ansjovis te krijgen. “Ook bijvangst van spanjooltjes (jonge geep), geep makreel, panharing, zeekraal, vissoep en wel een skreeft. Na de ansjovis vissen we tot 1 september op paling.” Daarna wordt het weer stil in de winkel. “Dat is wel een weekje wennen hoor. Maar daar raak je er ook wel weer aan gewend.”

Zelf genieten Rian en haar man ook van de ansjovis. Hoe maak je die het beste klaar volgens haar? “Schoonmaken, een beetje peper, zout en dan bakken in de pan. Gewoon met een brood erbij. Geen sausje, want dat verlies je alleen maar de smaak van de vis en dat is zonde.” 

Wat vind je mooi aan Bergen op Zoom?

“Ja, de drie A’s he? Dat past precies in mijn straatje. En dan bedoel ik natuurlijk vooral de A van ansjovis. We eten ze bij ons thuis alle drie, maar niet in een menu zoals vaak in restaurants. Hartstikke lekker.”

Wat zou je willen veranderen?

“Het is misschien niet iets in Bergen op Zoom, maar van mij mogen ze wel wat doen aan die aalscholvers. Dat is nu een beschermde vogel en daarom komen er ieder jaar meer. 20 jaar geleden zagen we een enkele bij de weervisserij, nu krioelt het ervan. We moeten vaak al uren voor het vissen aanwezig zijn om als vogelverschrikker te werken. Gelukkig hebben we ook vrijwilligers die dat voor ons doen en die af en toe ook mee vissen. Daar zijn we heel blij mee.”

 

Tilburgs echtpaar aangevallen door rottweilers: ‘Het zijn moordmachines’

TILBURG – Joop van Meer en zijn vrouw Irmgard van Himbergen uit Tilburg waren deze week op vakantie in Groningen om samen te wandelen. Dat deden zij, zoals wel vaker, door dorpen en natuur. In het dorpje Nieuw Beerta nam hun wandelvakantie een gruwelijke wending, toen zij werden aangevallen door twee rottweilers. Enige tijd later werd op dezelfde plek ook een hondenpsycholoog ernstig verwond.

,,We liepen samen achter een rij huizen langs in Nieuw Beerta. We liepen langs een hek. Daarachter zaten twee agressieve rottweilers die hard aan het blaffen waren”, herinnert Van Meer zich. ,,Dat komt wel vaker voor tijdens het wandelen. Het is meestal niet zo’n probleem. Ik dacht wel bij mezelf: ‘jeetje, ik ben blij dat ze achter een hek zitten’. Ik zag wel dat er een groot gat onder het hek zat.”

Gillen
Vermoedelijk zijn de honden door dat gat achter het hek vandaan gekomen, want enkele seconden nadat het echtpaar voorbij het hek was gelopen, werd Van Meer aangevallen. ,,Ze kwamen op me af en ik werd meteen gegrepen. Ik had een kleine paraplu bij vanwege de felle zon. Die hield ik voor me, maar dat hielp niks. De honden waren veel te groot en te sterk. Ze beten in mijn armen en benen en ik viel op de grond. Ik kon alleen maar hard gillen. Ik dacht dat ik het er niet levend vanaf zou brengen.”

Ongeveer twee minuten. Zolang denkt Van Meer dat de aanval geduurd heeft en toen ineens waren ze weg. ,,De eigenaresse had ze geroepen en ze lieten mij meteen met rust. Mijn vrouw kreeg nog wel een beet in haar bovenbeen, als een soort toegift”, voegt de Tilburger toe.

Spieren
Na de felle aanval lag Van Meer weerloos op de grond, hevig bloedend. ,,Ik had heel veel diepe wonden. Op sommige plekken kon ik de spieren zien zitten. Het deed gruwelijk zeer. Ergens hoopte ik dat ik buiten bewustzijn zou raken, zodat ik het niet meer zou voelen.”

De eigenaar en eigenaresse hadden een ambulance gebeld. Die liet nog 20 minuten op zich wachten. De aanval gebeurde in het buitengebied. ,,En ook nog op een weg waar de ambulance niet kon komen. Ze hebben me op een plank naar de ambulance gedragen.”

Diepe wonden
Daar kreeg het slachtoffer voor het eerst pijnstilling. Hij werd naar het Universitair Medisch Centrum Groningen gebracht. Daar werd hij voorbereid voor een operatie die 2,5 á 3 uur zou duren. ,,Daar kreeg ik te horen dat er geen vitale organen waren geraakt. Ook de zenuwen waren intact. Ik had dus vooral veel en diepe vleeswonden, die nu moeten helen.”

Vrijdag, een dag na de aanval, kreeg Van Meer tijdens een gesprek met de chirurg te horen dat een hondenpsycholoog op de rottweilers was afgestuurd. Ook dat liep niet goed af. ,,Die psycholoog moest bepalen of de honden afgemaakt moesten worden. Hij liep daarbij hetzelfde stuk als mijn vrouw en ik hebben gelopen. En ook hij werd aangevallen. Ze hebben me verteld dat die man een slagaderlijke bloeding heeft opgelopen. Hij is er dus net zo slecht aan toe als ik.”

Afgemaakt
Daarna volgde ook het bericht dat de beide honden zijn afgemaakt. ,,Dat lijkt me terecht. Die honden kun je nooit meer vertrouwen. De eigenaar vertelde dat ze nog nooit zoiets hadden gedaan. Dat geloof ik allemaal best. Misschien zijn ze voor het gezin zelfs heel lief. Maar na dit kun je die beesten toch niet meer vertrouwen?”

Al snel gaat het bij dit soort zaken over de schuldvraag. Hebben de eigenaren iets verkeerds gedaan in de opvoeding? Zijn zij verantwoordelijk? Van Meer doet aan die discussie niet mee. ,,Daar heb ik geen mening over. Ik weet niet hoe die mensen met hun honden zijn. Maar ik was altijd al tegen dit soort gevaarlijke honden. Het zijn moordmachines. Ik vind het heel vervelend dat ze gefokt worden en mensen ze mogen hebben.”

Wat het slachtoffer ook stoort, is hoe de zaak verder gaat. ,,De politie doet pas onderzoek naar hoe verantwoordelijk de eigenaars zijn als ik aangifte doe. Dat is toch raar? Als ik door rood rijd, dan mag de politie toch ook zelf handelen en mij bekeuren? Blijkbaar is het nog te onbelangrijk om er sowieso wat mee te doen.”

Zijn vrouw
Van Meer vertelt het hele verhaal behoorlijk nuchter. Hij blijft er rustig onder. ,,Ik heb er niks aan om hierdoor helemaal te gaan trillen. Ik heb het al een paar keer voor mijn ogen opnieuw zien gebeuren. Ik weet ook niet wat de gevolgen op lange termijn zijn voor mij of voor mijn vrouw. Zij heeft ernaast gestaan en alles zien gebeuren. Het gaat wel aardig met haar nu. De wond aan haar been is behandeld en ze is met vrienden in onze vakantiewoning.”

Over zijn eigen nabije toekomst weet Van Meer nog niet veel. ,,Ik moet hier nog minimaal een week blijven. Daarna bekijken we het dag voor dag. Ik kan nog niet lopen of staan. Dus ik kan ook nog niet veel.”

Verdedigen

Eén ding lijkt de Tilburger wel al duidelijk te weten. ,,Wandelen is mijn hobby en dat wil ik blijven doen. Maar ik ga niet meer ‘ongewapend’ op stap. Ik moet denk ik zorgen dat ik iets bij heb om mezelf te kunnen verdedigen tegen dit soort dingen. Hoe of wat dat is, dat weet ik nog niet.”

https://www.ad.nl/binnenland/echtpaar-op-wandelvakantie-gegrepen-door-rottweilers-het-zijn-moordmachines~a790c04a/

https://www.hln.be/nieuws/buitenland/nederlands-echtpaar-op-wandelvakantie-gegrepen-door-rottweilers-het-zijn-moordmachines~a790c04a/

Eenzame schaatser op het ijs in Goirle vastgelegd op prachtig dronebeeld: ‘Mooie kans om werk en hobby te combineren’

GOIRLE – Eén enkele schaatser, helemaal alleen op het ijs van de Halve Maan in Goirle, niets anders te zien dan een mooie zonsopkomst en natuur. Klinkt het als een mooi plaatje? Dat vonden drie vrienden en collega’s uit Tilburg ook en daarom zetten zij vrijdag dat scenario om in een filmpje met drone. Het resultaat mag er wezen.

,,Het leuk ons een mooie kans om werk en hobby te combineren”, vertelt Martijn de Wissel over het project. Hij vloog de drone. ,,Wij werken met zijn drieën bij Livewall, een klein productiebedrijfje in Tilburg. We waren van plan om te gaan schaatsen en vonden het een leuk idee om onszelf te filmen. Dus hebben we van het werk een drone geleend en zijn we aan de slag gegaan.”

Zonsopkomst
Met zijn drieën wilden ze donderdag in alle vroegte het ijs op om te filmen, maar daar hebben ze toch vanaf gezien. ,,Het weer zou slecht zijn, met veel wind. Dan wordt het lastig om goed te filmen.” Een dag later was het wél zo ver. ,,We zijn om 07.30 uur, voor het werk, naar de Halve Maan gegaan. We wilden heel vroeg of heel laat gaan, zodat we alleen zouden zijn en dat we een mooie zonsopkomst of zonsondergang erbij hadden.”

Eenmaal aan de waterkant, hebben ze eerst gekeken of het wel veilig was. ,,We zijn eerst met onze schoenen aan het ijs op gegaan om te kijken of het dik genoeg was en of we geen scheuren zagen. Het is gewoon niet leuk om met al je apparatuur door het ijs te zakken tijdens het filmen.”

Er stond wederom wel wat wind. ,,Maar het viel heel erg mee. Ik had er niet zo veel last van. Als ik met de drone boven de bomen kwam, werd hij weggeblazen. Maar lager op het ijs, was geen probleem, op een windvlaag af en toe na.” De grootste uitdaging tijdens het filmen was het volgen van de schaatser. ,,Je moet goed inschatten hoe hard hij gaat. Dan kun je hem mooi volgen op beeld.”

Vooraf was er geen strak plan voor welke shots ze nodig hadden of hoe ze het zouden aanpakken. ,,Nee, we vonden het een leuk idee en we zijn het gaan maken. We hebben het stapsgewijs aangepakt. Voor sommige shots moest Luuk Wouters, de schaatser in beeld, een paar keer heen en weer schaatsen. Dan wisten we zeker dat we het goed op beeld hadden. We hebben een uurtje gefilmd en zo’n 40 shots gebruikt voor de video.”

https://www.ad.nl/binnenland/eenzame-schaatser-vastgelegd-op-prachtig-dronebeeld~ae9dff1f/

Bart is verlost van de ziekte waardoor hij niet kon opwarmen, nu neemt hij regelmatig een ijsbad

KAATSHEUVEL – Tot twee jaar geleden had Bart Dankers uit Kaatsheuvel grote problemen met kou-aanvallen. Zijn inwendige ‘kachel’ werkte niet, waardoor zelfs een kort uitstapje naar buiten, al voor grote problemen kon zorgen. Dat alles veranderde door een ijsbad dat hij nam in Polen en nu is hij zelfs ijstrainer. Woensdagmiddag nam hij nog een koud bad in de Hoefsven in Waalwijk.

,,Ik had last van hypothermie. Mijn lichaam was niet in staat om zelf de ‘kachel’ aan te zetten als ik in de kou kwam. Daardoor kreeg ik kou-aanvallen.” De temperatuur van het lichaam wordt geregeld door de hypothalamus in de hersenen. Die zorgt ervoor dat als het koud is, het lichaam meer gaat verbranden om de temperatuur te verhogen, of als het warm is, zorgt die ervoor dat je gaat zweten.

Bij Dankers werkte die processen niet. ,,Als ik even wat weg ging gooien in de vuilnisbak in de tuin, dan moest ik twee jassen aan en als ik terug binnen was, moest ik meteen onder de warme douche om op te warmen. Dat is behoorlijk beangstigend, want ik kon mezelf niet opwarmen.” Doktoren konden de man uit Kaatsheuvel niet helpen. ,,Er is nog veel onbekend en niet alle behandelingen helpen.”

Levensbedreigend
Voor Dankers werden de aanvallen steeds erger. Twee jaar geleden werd het zelfs levensbedreigend, tot hij ijstrainer Wim Hof tegenkwam. ,,Ik ben in het dagelijks leven docent bij Avans en hij kwam een lezing geven. Wij raakten in gesprek en ik heb zelfs met hem getraind in Polen.” En met verbijsterend goed resultaat, want Dankers heeft helemaal geen last meer van kou-aanvallen. ,,Het trainen in het water daar heeft ervoor gezorgd dat ik helemaal van de hypothermie af ben. Het heeft mijn hypothalamus ‘gereset’ en die werkt nu weer.”

De koude duik heeft Dankers zijn leven veranderd. Want die duik in Polen was beslist niet zijn laatste. ,,Ik neem zo’n drie keer per week een duik in het koude water. Het is voor mij een manier om mijn stress kwijt te raken. Omdat mijn kachel gaat branden, verbrand ik alle afvalstoffen in mijn lijf. Daarom voel je je zo goed als je het water uitkomt. Ik train vaak met Ben Veldmans en hij neemt zelfs zeven dagen per week een duik.”

Lui
Inmiddels is hij zelf ijstrainer en neemt hij per maand tussen de 10 en 20 mensen mee om ze de effecten van een koud bad te laten ervaren. ,,Thuis zitten we allemaal lekker rond de 20, 22 graden celsius, als we naar buiten gaan, doen we een warme jas aan en in de auto staat de kachel ook aan. Daardoor is het lichaam lui geworden. Tijdens mijn workshops leer ik mensen hoe de kou kan helpen bij lichamelijke problemen of om van de stress af te raken.”

Zo helpt het Dankers zelf nog altijd met de huidziekte psoriasis die hij zelf heeft. ,,Mensen komen bij mij met allerlei problemen. Sommige voelen dat ze vast zijn gelopen in hun leven. Ze zitten op een verkeerd spoor en twijfelen of ze wel iets doen wat bij ze past. Die komen om van hun stress af te raken. Anderen gebruiken het om vitaler te worden of als ondersteuning voor medicijnen.”

Dankers weet zelf in ieder geval dat hij inmiddels op het juiste spoor zit. ,,Ik heb mijn ziekte overwonnen. Daar ben ik trots op. En toen ik dat gedaan had, wilde ik trainer worden. Ik dacht: ‘Volgens mij is dit iets om te doen met mijn leven’. Ik vind het zo mooi om anderen mee te nemen en ze kennis te laten maken met mijn ervaringen.”

https://www.bd.nl/loon-op-zand/bart-is-verlost-van-de-ziekte-waardoor-hij-niet-kon-opwarmen-nu-neemt-hij-regelmatig-een-ijsbad~a1656079/

Man (20) die Tim Scholten doodreed op Malta: ‘Ik had dood moeten zijn, niet hij’

MALTA/NEERKANT – De bestuurder die eerder deze maand op Malta Tim Scholten (19) doodreed heeft spijt betuigd in de rechtbank. Dat meldt de Malta Independent. ,,Ik haat mezelf omdat hij dood is door mij.”

Een 20-jarige automobilist werd op 12 juli voorgeleid bij de rechtbank in Malta vanwege het dodelijk ongeluk. De bestuurder werd aangehouden vanwege roekeloos rijgedrag en het rijden onder invloed. Later werd daar doodslag aan toegevoegd toen bleek dat Tim Scholten de aanrijding niet overleefde. De man verloor de macht over het stuur, schoot de stoep op en reed daarbij acht mensen aan.

Dronken
Een rechercheur van de plaatselijke politie deed in de rechtbank ook zijn verhaal. ,,De verdachte was dronken en reed te hard. De stoep is daar hoog, waardoor je heel snel moet rijden om eroverheen te rijden.”

Ondanks de zware aantijging zei de rechercheur ook: ,,Ik denk niet dat hij thuishoort in de gevangenis.” De advocaat van de automobilist was het daarmee eens. Hij noemde het ongeluk ‘tragisch voor alle betrokkenen’.

Moe
Daarna nam de advocaat het woord om een verklaring van de verdachte voor te lezen. ,,Ik was onderweg naar huis en was moe, maar ik dacht dat ik wel kon rijden. Het is maar een ritje van twee minuten.”

Daarna vertelde de verdachte ook over Tim Scholten. ,,Ik haat mezelf omdat hij dood is door mij. Ik kan me niet voorstellen wat zijn familie nu meemaakt. Ik wil ze graag compensatie betalen, al moet ik daar de rest van mijn leven voor werken. Hij had niet dood moeten zijn, maar ik.” Tijdens het voorlezen van de verklaring zat de verdachte te huilen. ,,Ik kan niet leven met wat ik heb gedaan. Hij (Scholten, red.) zag eruit als een goede jongen. Ik ben er kapot van.”

Avondklok en huisarrest
De advocaat stelde aan de rechtbank voor om voorlopig een avondklok voor zijn cliënt in te stellen en om tijdelijk zijn rijbevoegdheid in te trekken. Daarnaast wilde de advocaat nog een duidelijk punt maken. ,,Vier uur ‘s morgens is geen tijd voor jonge mensen om op straat te hangen. Je drinkt alcohol en daardoor doe je dingen die je normaal niet zou doen. Daarbij is hoge snelheid dodelijk. Je kan beter langzaam rijden dan een ongeluk veroorzaken.”

De verdachte is onder huisarrest geplaatst. Hij moet zich drie keer per week melden op het politiebureau. Daarnaast moet hij 2.000 dollar overmaken en staat hij persoonlijk ook garant voor nog eens 10.000 dollar. Tot de rechtbank zijn uitspraak heeft gedaan, mag de man ook niet rijden. ,,Loop maar naar het politiebureau. Dat zal je goed doen”, stelde de rechtbank.

https://www.ed.nl/deurne/man-20-die-tim-scholten-doodreed-op-malta-ik-had-dood-moeten-zijn-niet-hij~aa40273a/

Emotionele oproep Laura (27) voor vriend met leukemie heeft succes: ‘Wauw! Wat goed van iedereen!’

TILBURG  – Laura van der Weide (27) kwam afgelopen vrijdag met een emotionele oproep voor haar vriend Pim Trommelen. Hij heeft een agressieve vorm van leukemie en is op zoek naar een stamceldonor. Haar oproep lijkt tot nu toe een groot succes te zijn. Sinds vrijdag hebben zich al 20.000 mensen aangemeld bij de donorbank. ,,Vorig jaar waren het er 50.000 in een heel jaar.”

Laura en Pim uit Tilburg kunnen hun geluk niet op. ,,Wat een geluksmomentje tussen alle narigheid in. Pim en ik moesten meerdere keren kijken voor we het konden geloven.”

Ze hebben nog wel een extra verzoekje voor de mensen die zich gemeld hebben. ,,Willen jullie ook alsjeblief je wangslijm opsturen zodat we iedereen versteld doen staan?” Het slijm kan gebruikt worden om een eerste vaststelling te doen over mogelijke donoren.

Pim heeft acute myeloïde leukemie (AML): een vorm van kanker die het bloed en het beenmerg aantast. Elk jaar steekt de ziekte bij bijna zeshonderd mensen in Nederland de kop op. Mensen van alle leeftijden kunnen de ziekte krijgen. Na vijf jaar is gemiddeld de helft van de patiënten nog in leven. Het lastige bij deze vorm van leukemie is dat een eventuele donor een 100 procent match moet zijn met de patiënt.

Matchis
Het Nederlands Centrum voor Stamceldonoren, de stichting Matchis, is ‘verrast’ met het hoge aantal aanmeldingen, omdat de actie bijna geheel via Facebook verliep. De oproep van de Tilburgse overtreft het succes van de actie van een voetballer van VVV in maart. Toen meldden ook zo’n 20.000 nieuwe stamceldonoren zich nadat aanvaller Lennart Thy een wedstrijd tegen PSV liet schieten om bloed te doneren voor een stamceltransplantatie. ,,Toen hebben ongeveer evenveel mensen zich aangemeld als donor, maar die actie liep over een langere periode”, verklaart Bert Elbertse van het Nederlands Centrum voor Stamceldonoren. ,,Die 20.000 potentiële nieuwe donoren is echt een fors aantal hoor.”

Oproep
Van der Weide deed haar oproep afgelopen vrijdag op Facebook. In twee dagen tijd werd het bericht 41.000 keer gedeeld. Maandagavond stond de teller op meer dan 51.000 keer.

Ze richtte zich in haar oproep direct tot de lezer. ,,De kans dat je wordt opgeroepen is zeer klein, maar het kan wel een leven redden”, schrijft ze. ,,Misschien niet die van Pim, maar er zijn nog genoeg anderen die ook een wonder kunnen gebruiken. Ik hoop met heel mijn hart dat jullie je willen aanmelden in de donorbank.” Belangstellenden kunnen zich aanmelden als stamceldonor op de site van Stichting Matchis.

Het bericht werd opgepikt door verschillende regionale en nationale media.

https://www.bndestem.nl/brabant/emotionele-oproep-laura-27-voor-vriend-met-leukemie-heeft-succes-wauw-wat-goed-van-iedereen~a91147ae/

Toename drugsdumpingen wel of niet door festivals?

TILBURG – De politie maakt zich zorgen over de toename van het aantal dumpingen van drugsafval in Brabant. Dit jaar werd al 32 keer drusgafval gevonden. De afgelopen drie weken zou het gaan om maar liefst 20 van die dumpingen. De oorzaak van de toename lijkt deels verklaard te kunnen worden door het naderende festivalseizoen.

Freek Pecht is de coördinator synthetische drugs bij de politie Zeeland-West- Brabant. Tegen EenVandaag legt hij dinsdag uit dat er een duidelijk verband is. ,,Een van de oorzaken is toch wel het festivalseizoen dat er nu aan zit te komen. Dan krijgen we uit criminele inlichtingen de tip: die en die pillenboer gaat nu z’n pillen draaien voor dat en dat festival. Dan zie je dat vraag en aanbod echt verband houdt met festivals.”

Eind april gaf woordvoerder Willem-Jan Uytdehage ook nog een andere verklaring tegenover deze krant, het veranderde productieproces van drugs. Uytdehage: ,,Sommige grondstoffen voor drugs konden tot voor kort gewoon worden geïmporteerd en die stoffen staan nu op een zwarte lijst. Dat betekent een extra stap in het productieproces van drugs, want die grondstoffen moeten nu eerst weer worden gewonnen uit andere stoffen. En dat kan zorgen voor meer afval en dumpingen.”

‘Heel gevaarlijk’
Wat de oorzaak ook is, beiden zien de gevaren van het grote aantal dumpingen. Pecht: ,,Het rijst echt de pan uit. De afgelopen drie weken hebben we in heel de provincie Brabant twintig dumpingen van drugsafval gehad. Het is natuurlijk heel gevaarlijk als je hier met je hond wandelt of met kleine kinderen. Wanneer dit in contact komt met de neus van een hond of met je huid dan gaat het er dwars doorheen.”

,,En ook voor het milieu: de grond raakt vervuild. Dat kost heel veel geld. Het moet weer afgegraven worden. Je kunt niet zomaar die vaten laten liggen.”

https://www.bndestem.nl/brabant/toename-drugsdumpingen-wel-of-niet-door-festivals~ac810cb1/

Museumweek: Welke Brabantse musea kun je bezoeken en wat kost het?

BRABANT – Onder het motto ‘de week om het museum te ontdekken’ is het deze week, u raadt het al, Museumweek. Van 9 tot en met 15 april worden mensen uitgenodigd om te ontdekken wat voor mooie schatten in de verschillende musea verborgen liggen. Maar waar kun je deze week terecht? En wat kost een bezoekje?

De prijzen van verschillende musea in Brabant lopen behoorlijk uiteen. Voor 15 euro kun je terecht bij Oorlogsmuseum Overloon, maar voor al 2 euro kun je terecht bij het Museum van Brabantse Mutsen en Poffers in Sint-Oedenrode. Dat blijkt uit cijfers van Kortingscode.nl.

West-Brabant

In West-Brabant zijn tien musea gevestigd die bezocht kunnen worden in de museum week. Het Stedelijk Museum Breda is daarvan verreweg het duurste. Entree kost daar 12 euro. Het Nederlands Zouavenmuseum in Oudenbosch is nipt het goedkoopst met een entreeprijs van 3,50 euro.

Bekijk hieronder wat de prijzen van de tien West-Brabantse musea zijn. Lees verder na de grafiek voor de entreeprijzen van andere Brabantse musea.

Noordoost-Brabant

Niet alleen het westen van Brabant doet mee met de museumweek. Ook in andere delen van de provincie zijn musea te vinden die een bezoekje waard zijn. In Noordoost-Brabant zijn achttien musea te bezoeken. De duurste daarvan is Oorlogsmuseum Overloon met een entreeprijs van 15 euro. De goedkoopste is het Museum van Brabantse Mutsen en Poffers in Sint-Oedenrode.

Bekijk hieronder wat de prijzen van de achttien Noordoost-Brabantse musea zijn. Lees verder na de grafiek en de foto voor de entreeprijzen van Zuidoost-Brabantse musea.

Zuidoost-Brabant

Ook in het zuidoosten van Brabant zijn verschillende musea geopend. Daar zijn 12 musea om te bezoeken. De duurste daarvan is het Van Abbemuseum in Eindhoven met een entreeprijs van 12 euro. De goedkoopste is Museum ‘t Oude Slot in Veldhoven, waar je voor 4 euro al binnen kan komen.

Noot: Bij dit artikel is gebruik gemaakt van LocalFocus. Zie de grafieken bij het online-artikel.

https://www.bndestem.nl/brabant/museumweek-welke-brabantse-musea-kun-je-bezoeken-en-wat-kost-het~a33146aa/

Nationale Geluidshinderdag: 3615 klachten van geluidsoverlast in 2017

TILBURG – Voor wie het nog niet wist, 28 maart 2018 is Nationale Geluidshinderdag, in het leven geroepen door de Nederlandse Stichting Geluidshinder (NSG). In 2017 meldden 3615 mensen zich bij de provincie met een klacht over geluidsoverlast, maar die cijfers zeggen niet alles over hoe groot het probleem is.

Op hun website valt te lezen dat de NSG als doel heeft ‘de geluidshinder in Nederland te voorkomen en te bestrijden. Als onafhankelijke, ongebonden organisatie streeft zij daarbij naar de bescherming van (potentieel) gehinderden en van geluidsgevoelige gebieden.’

Deze organisatie is niet de enige die geluidsoverlast, want daar hebben we het over, wil terugdringen. Ook de provincie Brabant en de verschillende gemeenten zetten daarop in. Dat zijn zij ook verplicht vanuit verschillende vormen van wetgeving.

Melden

Geluidsoverlast kun je alleen aanpakken, als je ervan weet. Daarom heeft de provincie een meldnummer in het leven geroepen: MilieuKlachtenCentrale. Bij dit meldnummer kunnen mensen terecht met al hun klachten over geluidsoverlast, maar ook geur of trillingen. Tenminste; ,,Als deze door een bedrijf of bedrijfsmatige activiteiten veroorzaakt worden”, laat Jos van Rosmalen van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) weten. ,,Dus ook horecalawaai, evenementen bijvoorbeeld. Bedrijven zijn gebonden aan de geluidsgrenswaarden die in de vergunning zijn opgenomen. Die kunnen overigens inhouden dat er soms hinder mag zijn.”

Klachten die bij de centrale binnen komen, worden door de betreffende omgevingsdienst behandeld. ,,Elke telefonische klacht wordt binnen kantoortijd direct doorgegeven aan een klachtenmedewerker. Na ontvangst van de klacht wordt vrijwel altijd telefonisch contact opgenomen met de melder. Enerzijds om na te gaan of de hinder nog aanwezig is, anderzijds om nadere informatie te verkrijgen voor onderzoek. Zo nodig volgt zo’n onderzoek om de bron te achterhalen en de hinder zo snel mogelijk weg te nemen”,  licht Van Rosmalen de werkwijze toe.

Onderzoek

De OMWB onderzoekt of een klacht gegrond of ongegrond is en wat dan de vervolgstappen zijn. ,,Als de vermoedelijke veroorzaker een bedrijf is (of bedrijfsmatige activiteit) gaat een toezichthouder afhankelijk van de opdracht van de gemeente ter plaatse zelf waarnemen. Hij kan daarvoor beschikken over geluidmeetapparatuur en mogelijk direct toetsen aan de wettelijke regels.”

Cijfers Midden-West-Brabant

Uit cijfers van de OMWB blijkt dat in 2017 in totaal 8181 milieuklachten zijn binnengekomen. 3615 daarvan gingen over geluidsoverlast van bedrijven. Hoeveel daarvan gegrond zijn, is niet helemaal duidelijk. ,,Sommige zaken lopen langer en hebben dus nog geen oordeel. Ook als geen directe veroorzaker kan worden aangewezen, betekent dat niet dat de klacht ongegrond is.”

Een jaar eerder, in 2016, kwamen 3304 klachten binnen. Dat zou een groei van bijna 10 procent betekenen, maar zo makkelijk is dat niet te concluderen volgens Van Rosmalen. ,,Je kunt niet zo maar zeggen dat er sprake is van 10% groei van geluidhinder. Een deel van de verklaring is dat de milieuklachtencentrale een stuk bekender is geworden, mensen weten ons beter te bereiken.” Het nummer werd in 2016 in het leven geroepen.

Deze cijfers zeggen niet alles over hoe vaak er sprake is van geluidsoverlast. Als de buurman zijn muziek hard heeft staan, dan komt daar geen omgevingsdienst kijken, maar de politie. Tenzij je zelf de beste man niet kan overtuigen dat hij dat heerlijke nummer misschien met een hoofdtelefoon op moet luisteren.

Noot voor de lezer: Op de website hebben we enige tijd gebruik gemaakt van uitklapbare menu’s om verder informatie te presenteren voor mensen die meer willen weten en de artikelen toch leesbaar en ‘kort’ te houden voor online. Ik raad dan ook aan om ook het online-artikel te lezen van dit verhaal voor de complete informatie, aangezien die blokken in WordPress niet werken én die teksten in dat programma zijn verwerkt en niet los in ons systeem.

https://www.bndestem.nl/brabant/nationale-geluidshinderdag-3615-klachten-van-geluidsoverlast-in-2017~a6144228/

‘Onze volkscultuur mag niet verloren gaan’

Ik ben Bergen: Ferd Quik

Ferd Quik geniet in zijn achtertuin nog na van de Brabantse Stoet.

BERGEN OP ZOOM – ‘Je hoeft hier niet geboren te zijn om hier vandaan te willen komen.’ Het zijn gevleugelde woorden die ooit zijn opgetekend door de Antwerpse dichter Bert Bevers. Maar wie zijn die mensen dan die hier zo graag ‘vandaan willen komen’? In de serie ‘Ik ben Bergen’ ga ik op zoek naar het Bergs DNA. Wie woont hier, wat zijn hun verhalen en wat zijn hun dromen. Vandaag een bezoekje aan een van de drijvende krachten achter de Brabant Stoet; Ferd Quik.

Het zal geen Bergenaar zijn ontgaan, maar 16 september stond er een extra grote optocht op het programma. De binnenstad was compleet afgezet voor de Brabant Stoet. Volkscultuur uit heel Brabant kwam samen om de vele toeschouwers te vermaken. Die toeschouwers konden een middag lang genieten van kunst, cultuur en straattheater, maar daar zat wel bijna vier jaar aan voorbereiding achter.

Het idee voor de stoet kwam uit de hoed van Ferd Quik. “Vier jaar geleden was er een bijeenkomst voor de commissaris van de koning, Wim van de Donk. Daar mocht ik vertellen over wat onze vrijwilligers in Bergen allemaal presteren en doen als het gaat om volkscultuur. Daar waren ze ontzettend van onder de indruk.” Ferd ging met dat enthousiasme aan de slag en kwam met het idee voor de stoet. In een jaar tijd waren de eerste stappen gemaakt. “Toen had ik draaiboeken en de hele santekraam rond.” Er moest namelijk nogal wat geregeld worden. “We moesten 2.500 mensen ontvangen in onze stad. Die moesten eten en drinken, geschminkt worden, opstellen; dat is allemaal perfect verlopen.”

Met die stoet had Ferd een duidelijk doel voor ogen. “Laten zien wat al die vrijwilligers in Brabant presteren op een bijna professioneel niveau als het gaat om volkscultuur. Dat doen wij met onze optocht natuurlijk, maar dat doen ze in Zundert en Valkenswaard met hun corso’s ook en in Heeze bijvoorbeeld met de Boerendagen. Dat is zo knap, daar mag en moet meer aandacht voor komen, want die mensen staan financieel onder druk. Ze kunnen uiteindelijk niks zonder geld, dus wij wilden laten zien wat we in huis hebben, in de hoop dat de steun voor al deze creatieve mensen ook groter wordt.”

Of dat gelukt is, moet de komende jaren blijken. Voor nu is belangrijk dat de tocht een succes was. “De mensen langs de kant hebben genoten. Dat is het allerbelangrijkste. En ze hebben meer geleerd over de Brabantse volkscultuur, ook door de tentoonstelling in de Sint-Gertrudiskerk.” Het publiek was tevreden, toch zat er voor Ferd een klein smetje op de dag. “De stoet moest een bewegend schilderij zijn, waarbij iedereen de tijd en ruimte had om een klein showtje te geven, maar wel terwijl ze bleven lopen. Dat ging mis. Clubjes stopten en voor je het weet heb je gaten. Daar kan ik me echt boos om maken. Maar als iedereen genoten heeft, misschien moet ik me er dan minder druk om maken en het laten gaan.”

De Brabant Stoet was eenmalig, of niet? “Je zou het eens in de tien jaar misschien kunnen en moeten doen. Maar ieder jaar is niet te doen.”

Wat vindt u mooi aan Bergen op Zoom en wat zou u willen veranderen?
“Ik vind het heel mooi en goed dat hier heel veel aandacht is voor cultuur. Maar ik zou willen dat er meer aandacht en hulp was voor onze volkscultuur. Het is heel belangrijk dat dat niet verloren gaat. Dat kan alleen als die cultuur nog breder gedragen wordt, ook financieel. Sponsoren van de Brabantse Stoet waren onder de indruk van wat al die vrijwilligers iedere keer weer voor elkaar krijgen. Daar moeten we nu de revenuen van pakken.”